Leer ze (beter) schrijven! - Keuzesessies reeks 2 (12:50 - 14:05)

Keuze Lesgever
2.01 Succesvol inzetten van dyslexiehulpmiddelen: hoe zorg jij er als leerkracht voor dat een middel écht helpt bij schrijven? Katrien Horions

Als we willen dat leerlingen hulpmiddelen succesvol gaan gebruiken, moeten we er voor zorgen dat het hulpmiddel ook doet wat de leerling nodig heeft. Een aanpak op maat is dus belangrijk… maar hoe doe je dat als leerkracht? Wat heb je nodig om dyslexiehulpmiddelen succesvol in te zetten in jouw school? Hoe creëer je meer bewustwording hiervoor in jouw organisatie? Welke partijen heb je nodig en wat is hun rol? Hoe creëer je meer samenwerking? Hoe zorg je ervoor dat een leerling het hulpmiddel effectief gaat gebruiken? Hoe evalueer je dit? We gebruiken hiervoor de stappen en tools van de methodiek COM.

Tijdens deze sessie leren de deelnemers hoe je hulpmiddelen succesvol kan inzetten op school en in de klas en hoe je een aanpak op maat van de leerling rondom inzet van hulpmiddelen kan vormgeven. De deelnemers maken kennis met de methodiek COM (www.dyslexiehulpmiddelen.com).

Doelgroep: leerkrachten (buitengewoon) lager onderwijs, zorg- en ICT-coördinatoren, directies en beleidsmedewerkers.

Katrien Horions, logopediste en coördinator bij Logiko (logopediepraktijk te Lummen en Heusden). Ze begeleidt kinderen, jongeren en hun ouders met taalontwikkeling- en leerproblemen. Ze heeft ook een coachende rol binnen het team logopedisten. Verder is ze als docente verbonden aan de opleiding Logopedie van Zuyd Hogeschool te Heerlen (Nederland). Ze werkte mee aan de websites www.dyslexiehulpmiddelen.com  en www.communicatiehulpmiddelen.com.

 

 


2.02 De vruchtbare verbinding van schrijven met de zaakvakken. Weten waarover je schrijft en schrijven over wat je weet Suzanne van Norden

Een tekst schrijven lukt het beste als je genoeg afweet van het onderwerp van de tekst. Bij veel schrijfopdrachten die kinderen op school krijgen is dat echter niet het geval, omdat de onderwerpen uit de lucht komen vallen of gaan over fictieve situaties.

Kinderen op de basisschool kunnen leren om doelgericht te schrijven over onderwerpen als het menselijk lichaam, de middeleeuwen, de waterkringloop of pooldieren. Als leerkrachten altijd begeleide schrijftaken inplannen binnen de zaakvaklessen, kan het schrijfonderwijs een impuls krijgen. Omgekeerd helpt schrijven kinderen bij de verwerking van zaakvakkennis. Aandacht voor lezen en schrijven en aandacht voor zaakvakinhoud kunnen elkaar zo enorm versterken.

In deze sessie laat S. van Norden zien dat je op veel manieren kunt schrijven over een onderwerp waarvan je iets afweet. Ze geeft een beeld van de ondersteuning die leerkrachten daarbij kunnen geven. Hopelijk inspireert dit de deelnemers om meer aandacht te besteden aan begeleide schrijfopdrachten bij de zaakvakken. 

De deelnemers ervaren zelf hoe je tot schrijven kunt komen over een kennisonderwerp. Ze doen kennis op over belangrijke didactische principes van goed schrijfonderwijs. Ze ontdekken hoe kennis van genres kunnen helpen bij het ontwerpen van zinvolle schrijfopdrachten.

Doelgroep: leerkrachten lager onderwijs 2de en 3de graad.

Suzanne van Norden is de auteur van meerdere boeken over taal- en schrijfonderwijs voor de basisschool, waaronder Iedereen kan leren schrijven (2e druk 2018). Zij werkt als pabodocent op de Marnix Academie in Utrecht en als zelfstandige consulent/trainer in het basisonderwijs. Zij houdt een blog bij over schrijven op www.iedereenkanlerenschrijven.nl

 

 


2.03 Effectieve feedback op schrijfopdrachten: hoe pak je dat aan? Renske Bouwer

Feedback is een van de krachtigste middelen om de schrijfprestaties van leerlingen te verbeteren. Maar het kost ook veel tijd en er wordt lang niet altijd iets mee gedaan. In deze sessie leer je aan de hand van wetenschappelijk onderzoek en concrete praktijkvoorbeelden hoe je feedback beter kan laten aansluiten op de behoeften van individuele leerlingen. We bespreken hierbij criteria voor het optimaliseren van zowel de inhoud als de formulering van feedback. Ook bespreken we het belang van het beoordelen van de kwaliteit van teksten voor het geven van effectieve feedback.

Vragen die tijdens de sessie aan bod komen:

  1. Welke verschillende vormen van feedback zijn er en wat zijn de effecten hiervan?
  2. Hoe kun je tekstkwaliteit goed en doeltreffend beoordelen en hoe pas je op basis van deze oordelen individuele feedback aan?
  3. In hoeverre nodigt de feedback leerlingen uit om de tekst ook daadwerkelijk te verbeteren? En wat leren leerlingen hiervan op de lange termijn?
  4. Moeten leerkrachten altijd feedback geven of kunnen leerlingen dit ook zelf?

Doelgroep: leerkrachten lager onderwijs.

Renske Bouwer is universitair docent Pedagogische- en Onderwijswetenschappen aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Zij is gepromoveerd op Tekster, een bewezen effectieve lesmethode voor het leren schrijven van leerlingen in de 2de en 3de graad van het lager onderwijs. Hierna heeft ze aan de UA verder onderzoek gedaan naar comparatief beoordelen van schrijfproducten d.m.v. de digitale beoordelingstool D-PAC. Naast onderzoek geeft ze ook les in het onderwijs.

 


2.04 Leren schrijven is leuk! Siska Vergaert

Uitkijken naar het 1ste leerjaar is onder andere uitkijken naar het leren schrijven. Dit is echter geen sinecure en blijkt al snel te vervelen als het steeds hetzelfde blijkt te zijn.
In deze sessie zetten we het behoud van het plezier in schrijven bij het jonge kind centraal. We ontdekken dat schrijven veel meer is dan met een pen op papier letters vormen. Er worden concrete ideeën aangereikt om een schriftles kind- en beweegvriendelijk te maken. We gaan hiermee zo goed als mogelijk aan de slag.

Doelgroep: leerkrachten (buitengewoon) lager onderwijs 1ste graad.

Siska Vergaert, licentiaat Lichamelijke Opvoeding, docent beweging, schrift en EHBO binnen BaLo-opleiding Odisee, campus Sint-Niklaas.

Gelieve mee te brengen naar deze sessie: papiertape en enkele wasco’s/stiften/kleurpotloden (om het even, zolang het tekengerei maar een gemakkelijk spoor nalaat).

 


2.05 De 5 van Beethoven in schrijfmotoriek en fijnmotoriek Marc Litière

Volgens Beethoven kan in zijn 5de symfonie het noodlot overwonnen worden. Wij vertrekken van 5 schrijvende kinderen met specifieke moeilijkheden die, hoewel niet noodlottig, kunnen zorgen voor frustratie en faalangst. Door inzicht en de juiste aanpak kunnen deze kinderen geholpen worden.

Na het volgen van deze sessie kunnen de leerkrachten:

  • lateralisatiemoeilijkheden herkennen en benoemen;
  • de juiste schrijfhouding en -beweging aanleren;
  • richtingsmoeilijkheden herkennen en hierrond maatregelen nemen;
  • een kindertekening bekijken, evalueren en de correcte feedback geven;
  • de juiste potloodgreep analyseren, uitleggen en demonstreren.

Doelgroep: leerkrachten (buitengewoon) kleuter- en lager onderwijs 1ste en 2de graad, zorgcoördinatoren en leerkrachten bewegingsopvoeding.

Marc Litière, licentiaat lichamelijke opvoeding en kinesitherapie, psychomotorisch systeemtherapeut, coördinator groepspraktijk psychomotoriek voor kinderen te Leuven.


2.06 Schrijfdans - De ontwikkelingslijn van grof naar fijn (kleuter) Karolien Bastiaens

Je krijgt een overzicht van en inzichten over de ontwikkeling van het schrijfproces van grof naar fijn, van schrijbelen tot schrijven. Je maakt kennis met de basisbewegingen en de ontwikkeling ervan: recht, rond, doorgaande verbonden lijnen, het belang van kruisbewegingen en de tegenstellingen.
Na een zeer korte theoretische uiteenzetting van de visie gaan we onmiddellijk praktisch aan de slag. Je kan het geleerde reeds de volgende dag toepassen in je klas.

Doelgroep: leerkrachten (buitengewoon) kleuteronderwijs en zorgcoördinatoren.

Karolien Bastiaens, Professionele Bachelor in de Ergotherapie en volgde verder nog de BanaBa Buitengewoon Onderwijs. Ze behaalde ook het postgraduaat ‘Omgaan met personen met autisme’. De jaarcursus ‘Psychomotoriek en Remedial Teaching’ zorgde voor een bredere kijk op ontwikkelingsproblemen en –stoornissen. In haar praktijk ervaart ze dat ‘Schrijfdans’ een echte meerwaarde kan zijn bij kinderen die vaak al heel wat therapieën achter de rug hebben en met enige weerzin de volgende tegemoet gaan. Het is een goed opgebouwde methode die erg leuk en aantrekkelijk is. Om andere leerkrachten en therapeuten te enthousiasmeren, volgde ze de docentenopleiding van Schrijfdans.


2.07 "Ik wil schrijven!" En hoe kan ik jou hierbij helpen? Cathy Crabbe

Kinderen willen heel graag leren schrijven, maar soms blijkt dat plots moeilijker dan verwacht. Tijdens deze sessie krijg je praktische voorbeelden om goedkope materialen in te zetten om hun fijne motoriek te helpen ontwikkelen, met aanvullingen hoe je dit praktisch kan organiseren in je klas.
Niet elk kind is op hetzelfde moment motorisch 'klaar' om netjes mooie letters te schrijven tussen de kleine lijntjes: hoe komt dit? En hoe ga je hiermee om in de klas? Differentiatie via bestaande of zelf ontwikkelde schrijfblaadjes daagt deze kinderen uit op het juiste niveau; praktische voorbeelden met een korte theoretische duiding.

Doelgroep: Leerkrachten (buitengewoon) kleuter- en (buitengewoon) lager onderwijs 1ste graad en zorgcoördinatoren.

Cathy Crabbe, docent Motorische Basisvorming in de lerarenopleiding van KDG. Ze behaalde haar diploma Licentiaat Lichamelijke Opvoeding aan de KU Leuven. Verder volgde ze nog verschillende andere opleidingen o.a. ‘Kritische ontwikkelingsbegeleiding volgens de methode Hendrickx, motorisch remedial teacher, Bodymap en Reflexintegratie volgens de methode INPP. Een brede kijk op de ontwikkeling van kinderen en de mogelijke impact hiervan op het leerproces wordt op een praktische manier vertaald naar de klas.

 


Terug naar overzicht van workshops